‘Wat vind je van El Oued?’ De stem van Sadia snerpte als een kettingzaag de stilte aan flarden.

We waren net de grens van de stad gepasseerd en ik wist niet wat ik moest antwoorden, dus zei ik maar ‘dat weet ik niet, want we zijn er nog maar net’.

‘Wat vind je van El Oued?’ De stem van Sadia snerpte als een kettingzaag de stilte aan flarden. We waren net de grens van de stad gepasseerd en ik wist niet wat ik moest antwoorden, dus zei ik maar ‘dat weet ik niet, want we zijn er nog maar net’.